Onderwijs en training – Digital Hermeneutics conferentie Luxemburg, 25-26 okt. 2018

door: Tom Slootweg (Universiteit Utrecht)

Stef Scagliola lanceert het onderwijsplatform Ranke.2Digital Hermeneutics kenmerkt zich door haar “in-betweenness”, zo opende historicus Andreas Fickers de tweedaagse conferentie op de indrukwekkende Belval-campus van de Université de Luxembourg. Vanwege de voortschrijdende digitalisering van het vakgebied en de beschikbare bronnen, aldus Fickers, begeeft het historisch onderzoek zich in toenemende mate in een spanningsveld waarin statistische bewijskracht en historische relevantie tegen elkaar aan schuren. Toch ziet hij veel nieuwe kansen waar het gaat om het ontwikkelen van een brede “multimodal literacy” en nieuwe, meer hybride onderzoekspraktijken. Gedurende de twee dagen verkende het congres de theoretische maar ook praktische implicaties van de digitalisering voor historisch onderzoek en onderwijs. Met name de veranderende opvattingen omtrent didactiek en onderzoeksvaardigheden stonden centraal in een behoorlijk aantal papers en workshops.

Zo presenteerde Tim van der Heijden (Universiteit Luxemburg) een interessant paper waarin hij de eerste bevindingen van zijn postdoctorale onderzoek uiteenzette. Als coördinator van de doctoral training unit (DTU) van C²DH, het Luxemburgse centrum voor Digital Hermeneutics, met een veelvoud aan interdisciplinaire promotieprojecten, onderzoekt hij het proces waarin een nieuwe generatie, meer hybride historici wordt opgeleid. Het trainingsprogramma kent vele mogelijkheden en uitdagingen. De DTU biedt promovendi een breed programma aan waarin zowel praktische digitale vaardigheden worden bijgebracht, maar ook een kritische houding ten opzichte van data, tools en code. De grootste uitdaging, zo benadrukte Van der Heijden, ligt in het vinden van een “common ground” en het ontwikkelen van een “inter-language” om de interdisciplinaire samenwerking op een productieve wijze gegrondvest te krijgen.

Het was uiteraard niet zonder reden dat er bijzondere aandacht was voor onderwijs en training tijdens het congres. Op donderdagmiddag presenteerden Andreas Fickers en Stef Scagliola (Universiteit Luxemburg) namelijk het gloednieuwe onderwijsplatform Ranke.2. Met het vrijwel voltallige projectteam werd deze visueel aantrekkelijke onderwijsomgeving gelanceerd. Ranke.2 richt zich in het bijzonder op het aanleren van vaardigheden die betrekking hebben op digitale bronnenkritiek. Drie basale uitgangspunten lagen ten grondslag aan de ontwikkeling van het platform: (1) het gevoelig maken voor, en het gelijktijdig (2) problematiseren en (3) concreet maken van het werken met digitale bronnen door studenten. Scagliola benadrukte echter wel dat het verstandig is om de te ontwikkelen onderwijsmodules aan te laten sluiten op een gedifferentieerd model van kennisniveaus en onderzoeksvaardigheden. Kort gezegd dienen de cursussen idealiter een spectrum te bestrijken van “data novices” tot “algorithmic literacy”.

Eerder die dag betoogde Joris van Zundert (Huygens ING) al dat met name de “code literacy” onder letterenonderzoekers verder ontwikkeld moet worden. Er is haast geboden met het trainen van onderzoekers die in staat zijn om de software-code die ten grondslag ligt aan digitale informatie te interpreteren. Computerwetenschappers negeren vaak de contextualiteit van data en maken bovendien zelden een onderscheid tussen informatie en data. Volgens Van Zundert zou Digital Hermeneutics zich daarom moeten toeleggen op het verkennen van een “domain specific language” waarmee “hermeneutic reasoning” mogelijk wordt. Van Zundert realiseert zich dat het nog altijd lastig is om geesteswetenschappers te enthousiasmeren voor het ontwikkelen van hun eigen “code literacy”. Vaak wordt een diepgeworteld verzet tegen de vele facetten van de “digital turn” als reden aangedragen, maar Van Zundert betwijfelt of dat daadwerkelijk het geval is. Deze constatering zou bij uitstek aanleiding kunnen zijn voor nader onderzoek naar dit fenomeen.

Joris van Zundert betoogt dat geesteswetenschappers aan hun “code literacy” moeten werken.

De tweede dag van het congres was meer praktisch van aard. Naast een keynote van Julia Noordegraaf over de vele mogelijkheden van de CLARIAH Media Suite, stond een tweetal workshops op het programma waarin wederom training en onderwijs centraal stonden. De eerste onderwijsgerelateerde workshop werd geleid door Gerben Zaagsma (Universiteit Luxemburg) en de Amerikaanse historicus John Randolph (University of Illinois Urbana-Champaign). Randolph gebruikte het open-source publicatieplatform Scalar om SourceLab te ontwikkelen: een omgeving waarin geschiedenisstudenten ge-peer-reviewede, kritische edities van digitale bronnen kunnen publiceren. De andere workshop werd georganiseerd door Ilja Nieuwland (Huygens ING). Hij nodigde de deelnemers uit om na te denken over de “bare minimum” aan vaardigheden en geletterdheid van hedendaagse en toekomstige historici. De resultaten van de levendige brainstormsessies, aangevuld met verder onderzoek, zullen volgend jaar door Nieuwland gepresenteerd worden.

Er was kortom veel te leren over leren op het tweedaagse congres. Deze blogpost heeft zich met name gericht op onderzoek en training, maar er waren nog vele andere bijdragen aan het congres waarin methodologische vernieuwing en transparantie aan bod kwamen. Ook werd er uitgebreid gereflecteerd op de noodzaak van allerlei waarborgen om de duurzaamheid en continuïteit te garanderen van de nieuwe digitale tools, data en infrastructuren. Het volledige programma is hier te vinden.